|
Geen reactie van Tweede Kamer
Zo zult gij het kwaad uit uw midden wegdoen
Zoals alle sura's van de Qoran begint Al Noer in de vertaling van Kramers, met: 'In de naam van God, de Barmhartige Erbarmer.' Precies tien versregels later lezen we: 'En laat geen mededogen met hen (de ontuchtigen) u bevangen in Gods godsdienst indien gij gelooft in God en de Laatste Dag. En laat een aantal gelovigen van hun bestraffing getuige zijn.' (QSAN2). Het gaat hier om de honderd zweepslagen waarmee beiden, de ontuchtige man en vrouw, dienen te worden getuchtigd. Opdat wij op grond hiervan niet een te soft beeld van de Islam mogen krijgen voegt Kramers er met volstrekt passieloze schriftgeleerdheid in een noot aan toe: 'De moslimse wetgeleerden zijn het erover eens dat zo'n geseling alleen bedoeld is voor wie niet gehuwd of gehuwd geweest is. De straf die het islamitisch recht voorschrijft bij gehuwden en wie gehuwd geweest is, is steniging.' Het is kennelijk niet de bedoeling dat Gods barmhartigheid de gelovigen tot voorbeeld strekt. Kramers schijnt dit de normaalste zaak van de wereld te vinden en doet de zaak af met een verwijzing naar enige verwante passages in de bijbelboeken Leviticus en Deutoronium. De recentelijke vonnissen van islamitische rechtbanken in Nigeria, lijken in dit licht volstrekt overeenkomstig de sjaria.
Het Parool van 18 dec. 2004 meldt dat een 'representatieve' enquête uitgevoerd door Foquz Etnomarketing, in opdracht van televisieprogramma Nova, laat zien dat maar liefst 30% van de Nederlandse moslims een voorstander is van deze wetgeving. Maar liefst 50% procent van de moslims zou een eigen partij willen en van die helft zou wederom 50% voorstander zijn van invoering van de sjaria. Vijfentwintig procent van de Nederlandse moslims wil dus een eigen partij die ijvert voor invoering van de islamitische wetgeving. Nog eens 5% wil ditzelfde doel kennelijk slechts langs niet democratische wegen bereiken. Dit is nog altijd een minderheid van de Nederlandse moslims, maar het is zeker geen verwaarloosbaar aantal. We mogen, lijkt me, op zijn minst stellen dat deze ontwikkeling zorgelijk is, temeer daar we zien, dat extremistische omslagen snel kunnen verlopen. De oudere moslims die uitsterven zijn meestal gematigd en vredelievend, terwijl de kinderen in de ban raken van steeds extremer en moordzuchtiger denkbeelden. Lees het artikel van Jannie Groen en Annemieke Kranenberg in de Volkskrant van 5 februari 2005 over de lieve meisjes van de Hofstadtgroep.
Omdat ik tot mijn schande tot nu toe nog geen expert ben op het gebied van de sjaria, wil ik Kramers verwijzing naar de Thora gebruiken voor een schets van wat ons boven het hoofd hangt als we in alle ernst overwegen het huidige 'heidense recht' te vervangen door een rechtssysteem dat Gods orde op aarde moet vestigen: afgoderij (voetbal, televisie), stenigen (Deut. 17:2-7); vloeken, stenigen (Leviticus 24:14), spiritisme, stenigen (Leviticus 20:24); trotseren van het ouderlijk gezag, stenigen (Deut: 21:18-21); niet maagdelijk het huwelijk in (kennelijk alleen voor meisjes, want vereist maagdenvliestest), stenigen (Deut: 22:20-21); seks met een gehuwde vrouw (anders dan de eigen vrouw), steniging van beide participanten (Deut: 22:22); seks met een maagd die verloofd is, steniging van beide participanten, tenminste wanneer dit plaatsvindt binnen de bebouwde kom. Het meisje heeft immers niet om hulp geschreeuwd. Dus gaan we ervan uit dat ze het wel lekker vond en niet dat de verkrachter haar keel dichtkneep. Buiten de bebouwde kom krijgt ze echter het voordeel van de twijfel en gaat vrij uit (Deut: 22:23). Verder vinden we niet nader gespecificeerde doodstraffen voor tovenarij (Exodus 22:18), seks met dieren (Ex. 22:19), vervloeken van vader of moeder (Ex. 21:17), homoseksualiteit (Leviticus 20:13). Dan ben ik werken op zaterdag geloof ik nog vergeten. Tot slot nog een aardigheidje uit Leviticus 20:18, seksuele gemeenschap tijdens de menstruatie. Ook dat verdient de doodstraf. Deze wijze van anticonceptie dient om deze reden dan ook ten sterkste te worden ontraden. Het enige probleem bij deze wetgeving is wie de laatste executie dient uit te voeren. Want dat niemand er levend af kan komen is wel duidelijk. Doet God dat zelf?
Zie je nou wel. In de bijbel staat het ook. Nu zal ik niet ontkennen dat ook in de christelijke wereld er een passie geweest is voor heksen- en ketterverbrandingen, dat men daartoe zelfs een vrome inquisitie van wijze mannen in het leven heeft geroepen, en dat men tot voor kort in het algemeen van mening was dat straffen zo zwaar en bloederig mogelijk moesten zijn en dat zij dienen te volgen op de meest triviale onbenulligheden, roken bij voorbeeld. Laten we echter al die geradbraakten, de mensen die het hart levend uit het lijf gesneden werd (men had net Mexico ontdekt en altijd in voor iets nieuws) omdat ze een afwijkende godsvoorstelling hadden, gevierendeelden enz. rusten. De idealen van de Verlichting introduceerden immers gelijkheid en broederschap. Dat betekende uit efficiëntieoverwegingen dat al deze strafvariatie werd vervangen door één superieur executiewerktuig, de guillotine. De Franse revolutie was even vrij en gelijk als God barmhartig.
In het Nieuwe Testament vinden we in het licht van het bovenstaande een eigenaardige passage, Johannes 8. Wie een Nederlandse bijbel opslaat ziet op het eerste oog niets bijzonders. Een aantal wetgeleerden sleept een overspelige vrouw voor Jezus en zegt, met een verwijzing naar bovenaangehaalde passages. 'Die moeten we stenigen'. Het was toen waarschijnlijk al lang gebruik dat de man met wie ze het deed op dat moment braaf met vrouw en kinderen met het avondmaal bezig was. Dit geheel in strijd met de wetgeving. Jezus zei: 'laat wie nog nooit iets verkeerd gedaan heeft, de eerste steen gooien.' Het verhaal wil dan dat de één na de andere afdruipt, te beginnen met de oudsten. Erg overtuigend vind ik dit niet. Het suggereert, dat deze goegemeente zich laat leiden door een oprecht gewetensonderzoek, terwijl het natuurlijk een stel moordzuchtige sensatiezoekers is, dat zich niet door morele scrupules laat ringeloren. De rest kreeg een psychotische aanval en sloot zich op in een achterkamer tot het voorbij was. Dat vermoeden wordt versterkt als we een Griekse tekst van deze passage ter hand nemen. Iemand wees me er eens op dat het nogal wat voeten in de aarde heeft gehad dat deze passage in het NT is opgenomen. Eigenlijk is het een betwiste tekst. Zelfs de christenheid heeft het Jezus kennelijk niet in dank afgenomen dat hij haar een volksvermaak misgunde. De passage staat er in het Grieks dus in kleine lettertjes. Jezus eindigt met zich van oordeel te onthouden en zegt 'Gaat heen en zondig niet weer', wat iets subversiever ook vertaald had kunnen worden met: 'Zorg dat ze je niet weer pakken!'
Ook al preekte Jezus, evenals de meeste religieuzen, hel en verdoemenis, eeuwig vuur en voortvretende worm, het strekt hem tot sier dat hij die hel voorbehield aan huichelaars en zich juist zachtaardig opstelde tegenover vrouwen en kinderen, de kwetsbare groepen. Het maakt duidelijk dat hij geen machtsfanaat was, waarschijnlijk zelfs überhaupt geen fanaat. Je kunt je zelfs afvragen of deze passage, deze onbruikbare steen van het evangelie, die de bouwheren kennelijk hadden afgekeurd niet die hoeksteen is waarop iedere menselijkheid sindsdien moet rusten.
Vanaf zijn prille begin heeft het christendom afgezien van de invoering van de Oudtestamentische wetgeving. En vandaag de dag zul je ook geen jood meer vinden die in alle ernst de letterlijke uitvoering van de eerder genoemde Thora-strafvoltrekking zal bepleiten. Jodendom en christendom zouden al niet meer hebben bestaan hadden ze een andere keuze gemaakt. Waarschijnlijk bestaat de Islam ook alleen nog omdat ze slechts zelden in de gelegenheid is geweest haar 'rechtssysteem' aan een hele samenleving op te leggen. Het moorden (ook al noemt men het recht en strooit men het uit van hooggerechtshoven) zou niet ophouden en iedere menselijke vorm van samenleven zou onmogelijk worden. Dit geeft eigenlijk ook Farid Esack toe in de Volkskrant van 5 feb. 2005. Hij meent dat je de Qoran in zijn historische context moet zien en dat wat dit Boek nu te zeggen heeft alleen een eigentijdse interpretatie zijn kan. Interpretatie lijkt in een menselijke context onontkoombaar. De Waarheid kan er dus niet zonder meer staan, we moeten haar uitpellen, de positieve intentie laten spreken. Esack lijkt dit voornamelijk te zien in een sociaal respect en bewustzijn. Net als dit in christendom en jodendom is gebeurd lijkt hij de overgang van een legalistisch naar een ethisch denken te bepleiten. Men kan aan de intenties van Thora en Qoran vasthouden zonder iedereen te vermoorden die er een afwijkende levenswijze op nahoudt. Hij deelt dus kennelijk niet Kramers' vanzelfsprekende stelling dat 'alle moslimse wetgeleerden vinden' dat stenigen moet. Dat kan ook eigenlijk niet, want als dat waar was zou het principe van godsdienstvrijheid niet langer te handhaven zijn. Wat voor dit moslimrecht immers recht is, is voor iedere seculiere wetgeving moord. Als moorden in de Islam als zodanig, qua religie geboden is, zou de Islam als criminele organisatie moeten worden aangemerkt en niet als een gelijkberechtigde religie naast andere. De Islam zou dan onmogelijk in een pluralistische samenleving te handhaven zijn. Na de afschaffing van de apartheid in Zuid-Afrika, zouden we toch niet in alle ernst kunnen gaan spreken over een herinvoering van godsdienstige apartheid, waarbij iedere geloofsgroep zijn eigen wetten mag hanteren, waarbij de moslims vrij zijn hun eigen vrouwen en dochters af te slachten, de Papoea's vrij het kannibalisme kunnen beoefenen en de Dayaks het koppensnellen. Dat zou het einde zijn van de verklaring van de Rechten van de Mens die door de hele moslimwereld ondertekend is en het begin van de 'nacht der tijden'.
Het grote aantal moslims dat voorstander van de sjaria is, geeft echter aan dat we niet te maken hebben met slechts een paar extremistische gekken, zoals men het wel sussend probeert voor te stellen. Het fundamentalisme is een zeer gevaarlijk en zeer besmettelijk verschijnsel, hoe verbijsterend dit ook mag zijn. Het houdt hele naties in zijn greep, Iran voorop, maar vergeet Saoedi Arabië niet en het aantal landen dat de druk ervan ervaart neemt toe, Nigeria, Maleisië. Onder een regiem van de sjaria wordt iedere morele verantwoordelijkheid onmogelijk en daarmee iedere vrije beslissing. Niemand kan meer naar eigen geweten uitmaken of hij/zij iets wel dan niet moet doen. Het gevolg is dat mensen ieder moreel besef verliezen. De plaats wordt ingenomen door angst voor straf. Het gaat om regelrechte terreur veelal tegen vrouwen en kinderen. Volgens het Parool van 21-12-2004 (met verwijzing naar Amnestyrapporten) heeft Iran vorig jaar minstens drie minderjarige meisjes omgebracht wegens 'daden in strijd met de kuisheid' (amal-e manafe-ye 'ofat, Amnesty rapport). Verscheidene andere zijn sindsdien al geëxecuteerd of wachten nog op hun dood. In één geval is een vonnis 'dood door ophanging' door het Iraanse Hooggerechtshof omgezet in 'door dood steniging' (mogelijk is dit weer teruggedraaid, maar dan wellicht weer tot ophanging). Nog afgezien van het feit dat deze meisjes niets gedaan hebben waarop onder een seculiere wetgeving zelfs maar een straf staat, dient men zich een voorstelling te maken van de monsterlijkheid van een dergelijke strafvoltrekking aan kinderen. Een meisje, Zhila Izadyar, is dertien jaar en overduidelijk een incestslachtoffer. Bij de ellende die haar in huiselijke situatie zal hebben getroffen, voegt het bewind een geseling met een met metaal gewapende zweep, die afschuwelijke verwondingen aanricht. Het heeft het meisje meer dood dan levend achtergelaten. Als ze nu nog leeft, dan kan ze de rest van haar onmenselijk bestaan wachten op haar executie door ophanging of steniging. Ik gebruik niet graag religieuze termen vanwege de grote hoeveelheid bloed die daaraan kleeft, maar een dergelijke satanische vorm van islam kan en mag nooit als een normale gesprekspartner, diplomatiek of anderszins worden geaccepteerd.
Echter het volkomen gebrek aan respect voor iedere vorm van menselijk leven en het klaarblijkelijk niet meer in staat zijn tot het meest basale menselijk voelen, tast niet alleen de islam aan. Het is een wereldwijd woekerend verschijnsel. Tot mijn ontzetting heeft slechts een zeer klein deel van de Nederlandse bevolking zich afgevraagd wat een bombardement op Bagdad voor onschuldige inwoners betekent. Ze geloven blind het smoesje van de 'precisiebombardementen' uitsluitend op militaire doeleinden. Zwaai maar met je vlaggetje Prem Radhakishun! Justitiële moorden van het slag als in Iran plaatsvindt worden al helemaal doodgezwegen wanneer ze in een bevriende natie als Saoedie Arabië plaatsvinden. Esack wijst daar terecht op in het eerder aangehaalde artikel. Een typisch staaltje van de algemene geesteshouding komt tot uiting in een artikel over het 'festival' Winternachten in Den Haag. Zaterdag 29 januari 2005 brengt de Volkskrant onder de kop 'Wie is er bang voor Tariq Ramadan' het volgende. . . Leuk interessant, een, 'alles moet bespreekbaar zijn' discussie over de Islam, 'Het onbehagen van het oosten' heet het feest. Ramadan is een Egyptenaar die in Zwitserland woont. Hij is omstreden omdat hij niet openlijk afstand wenst te doen van kwesties rond islamitische wetgeving zoals steniging van vrouwen, terwijl Zhila Izadyar aan een hulpverleenster vraagt wanneer ze weer naar school mag, terwijl het geschreeuw van een ander seksueel misbruikt meisje Atefeh Rajabi, 16 jaar, nog nagalmt als ze naar de galg geleid wordt. Frankrijk, toch niet echt de kampioen van de mensenrechten, bepleit bij de Nederlandse autoriteiten een visumweigering. Maar in Nederland moet alles kunnen, omdat het anders 'onder de grond gaat'. (Hoort het daar dan niet thuis?). Dus daar zit Tariq, publiekstrekker nr. 1. Hij laat zich diplomatiek uit. En het ongetwijfeld 'politiek correcte' publiek helpt hem daarbij een handje. Het stelt, kies als Nederlanders zijn, geen onsmakelijke vragen over het stenigen en ophangen van pubermeisjes. Tariq wil zijn eigen mensen bereiken. 'Waarom zou hij de 'conservatieven' en fundamentalisten en 'politiek radicalen' onder hen van zich vervreemden alleen om in een goed blaadje te komen bij de bange liberale elite in het westen?' Dat hij dat zou kunnen doen omdat 'ieder leven kostbaar is in Gods ogen', een argumentatie die mij ook vanuit het standpunt van de islam te verdedigen lijkt, komt kennelijk bij niemand op. 'Conservatief' en 'politiek radicaal', in het westen stellen we die meestal tegenover elkaar. Maar in de 'moderne' islam hebben ze elkaar gevonden in hun gemeenschappelijke passie voor stenigen, hangen en kelen. Hoewel, 'modern', de woorden 'assassin' en 'assassiner' zijn afgeleid van een meer dan 1000 jaar oud moslimclubje. En sommigen zullen er wellicht trots op zijn als dat in de toekomst 'hamassin' en 'hamassiner' wordt.
Verloren tussen de andere gasten zit Maleisische schrijver Eddin Khoo. Ook zijn traditioneel theater wordt door de islam verboden. Niemand wil kennelijk horen dat de islam in deze streken al honderden jaren bestaat, maar nog nooit eerder zo zeer in collectieve dwangneurose verviel, dat ze het nodig vond om elementaire levensuitingen te verbieden.
En God zat op zijn troon en Hij hoorde de roep van Zhila Izadyar en Hij was van mening dat zij net als de andere kinderen op school hoorde te zitten. Met name nam Hij er grote aanstoot aan dat dit alles gebeurde in Zijn naam. Of wat, wat deed zelfs dat er nog toe? En zoals dat heet, ontstak Hij in grote toorn. 'Zal ik om één kind stukslaan?' Soms vernauwt zelfs Gods blik zich, zodat al het andere wegvalt, staat Hij alleen in de eeuwigheid wenend met het lichaam van een gemarteld kind. Niet alleen deze religie, die mensheid die heeft gezwegen, deze aarde. Maar jouw tranen zal ik drogen en je krijgt een school met schommelpaardjes op de speelplaats en vriendjes en ouders die om je geven. En ik maak een planeet met bomen en bergen en zingende vogels.
Ik weet het nog goed. Het was eerste kerstdag 2004. We keken naar buiten. De lucht was zo stil en toen viel de nacht.
|